Verhalen

Het speelkwartier

Olaf zit op zijn schommel in de tuin. Hij ziet zijn buurtjongetje Pim op straat spelen. Olaf baalt, want Pim is veels te jong voor hem. Olaf is 8, en Pim is 3. Olaf is bang dat hij Pim ondersteboven loopt, hij is namelijk zo klein. Ook vinden de ouders van Pim het beter als hij één keer per week met hem speelt, of als Pim het hem zelf komt vragen.

Pim loopt echter vandaag, naar het hek toe. ‘Olaf spelen’? Olaf springt van de schommel af. ‘Och, waarom ook niet’. Olaf pakt zijn voetbal en gaat overspelen, met Pim. Ze hebben het heel gezellig samen. Pim zijn zus, Hanna van 12, komt er ook bij. Ze gaan een potje voetballen.

‘Olaf, kom je eten’?, Roept Olaf zijn moeder. ‘Doei Pim. Doei Hanna’. Olaf rent vrolijk naar binnen. ‘Was het leuk buiten’?, Vraagt zijn moeder. ‘Heel leuk. Het was lang geleden, maar heel erg leuk’. ‘Goed zo jongen’. Ze streelt door zijn haar en zet een dampende stamppot met rookworst voor zijn neus neer. ‘Lekker mam’. Olaf begint te smikkelen. De telefoon gaat.

‘Hallo met Marie? Ik zal hem even vragen’. Zijn moeder legt de telefoon neer. ‘Schat? Pim vraagt of je morgen weer met hem wilt spelen’? Olaf knikt volmondig ‘ja’. ‘Hij wil morgen heel graag weer komen spelen’. Zijn moeder hangt op. ‘Leuk hé, Olaf. Morgen kun je weer lekker buitenspelen’. Olaf glundert van oor tot oor.

Einde

2 gedachten over “Het speelkwartier

Een reactie plaatsen

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s